Het treintje dendert naar het bootje

Voor de verandering trokken wij op een maandag zuidwaarts, over de rivier, over die bekende brug van dat beroemde gedicht van Nijhof.
Ik ging naar Bommel om de brug te zien.
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
worden weer buren. Een minuut of tien
dat ik daar lag, in 't gras, mijn thee gedronken,
mijn hoofd vol van het landschap, wijd en zijd -
laat mij daar midden uit oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken.

Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
Zij was alleen aan dek, zij stond bij 't roer,
en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer.
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren


Voorbij Bommel, naar het plaatsje Nieuwaal, waar niemand van ons ooit was geweest, en dus niemand van ons ooit had geschaakt. Plotsklaps, midden in een mooie woonwijk, dook een café annex snackbar op, de bestemming van onze reis. Binnen was het aangenamer dan buiten, het zaaltje achterin ademde schaaksfeer.
ZZ combinatie 2 was de tegenstander, een middenmoter, maar dat blijken vaak onze gevaarlijkste tegenstanders. Dat bleek alras, we begonnen niet lekker. De laagste vier borden waren als eerste klaar, met een veel te magere 2-2 als tussenstand. Peter Brandsma blunderde door een vork te overzien. Hans de Rooij leek goed op weg maar moest in een remise berusten. Freek Veldmeijer, slecht in vorm al zeg ik het zelf, had in een remisestelling op het eind een paard kunnen vangen, maar slaagde niet door een gebrek aan tijd. En Jorge Garcia speelde weer een ouderwets snelle partij met weer een ouderwetse uitslag: winst. We zien hem weer vaker op de clubavond en dat loont.
De eerste vier borden gaven weinig reden om een betere score te verwachten. Wim Kruimer stond een pion achter, Aat Liefbroer stond passief en Henk den Braber had geen enkel voordeel. Alleen Tim Kortekaas had de nodige dreiging en druk in zijn aanvalsspel opgebouwd. Nadat Henk een remise niet kon afwenden, werden de vele dreigingen Tim’s tegenstander te veel en moest hij capituleren, De voorsprong was een feit, maar ook te handhaven? Aat speelde verder goed en profiteerde ook van het gebrek aan tijd van zijn opponent. Wim beheerste het eindspel beter en boog de pion achterstand om in een pion voorsprong en speelde bekwaam naar winst. Een verdiende 5,5-2,5 overwinning stemde tot tevredenheid. Aan het treintje met overwinningen was wederom een wagonnetje gekoppeld.
Op weg naar huis over die bekende brug ontwaarden wij een bootje, gemeerd aan de rand van de rivier. In het licht van de maan waren de woorden ‘Heen en weer, heen en weer, heen en weer ….’ leesbaar op de zijkant van de boot. In de verte liep de bootsman met een verfkwast in zijn hand. Zou hij er dit jaar weer het woordje ‘heen’ aan mogen toevoegen?